De wet verbetering poortwachter is niet vrijblijvend en
geeft zowel de werkgever als werknemer verplichtingen.

De Wet verbetering Poortwachter is een stappenplan voor de eerste twee ziektejaren van een medewerker. Zowel de  werkgever en medewerker moeten zich optimaal inspannen om de medewerker weer aan het werk te krijgen.  In de WvP staat beschreven hoe de werkgever het verzuim van de zieke medewerker moet begeleiden. Het stappenplan (PvA) wordt samen met de werknemer opgesteld.

Voor kleinere bedrijven met weinig personeel is het een uitdaging om dit goed te doen. Te weinig tijd en geen ervaring met langdurige ziekteverzuim zijn mogelijke oorzaken om de WvP niet goed toe te passen. Toch is dit heel belangrijk. Ik heb in het kort de stappen weergegeven om snel te weten wat te doen bij langdurig ziekteverzuim.

Afspraken gemaakt in het kader van re-integratie moeten door zowel de werkgever als werknemer nagekomen worden.

HET EERSTE VERZUIMJAAR

U bent als werkgever samen met uw zieke werknemer verplicht om te zorgen dat het werk weer zo snel als mogelijk hervat kan worden. Tegelijkertijd speelt de Arbodienst hierbij een grote rol.

Het re-integratie traject is belangrijk. Het is een taak die u niet moet onderschatten. Belangrijk is de medewerking van uw werknemer, bovendien is de  werknemer verplicht om mee te werken aan het re-integratie traject.

WvP in het kort:

Het door betalen van loon.

Werkgevers hebben de verplichting hun zieke werknemers 2 jaar minimaal 70% van het laatst verdiende loon door te betalen. Als de werkgever niet kan aantonen genoeg inspanningen te hebben gedaan om de werknemer te laten integreren kan er een sanctie volgen. Je moet daarbij denken aan; loon doorbetaling ook in het derde jaar.

Verzuim door ziekte.

De werknemer meldt zich ziek bij zijn leidinggevende. De ziekmelding dient direct doorgegeven te worden aan de arbodienst.

In de 6e week.

In de zesde week moet er een probleemanalyse geschreven worden m.b.t tot de beperkingen en mogelijkheden van uw zieke medewerker. Er komt een advies. Dit kunt u bespreken met uw werknemer zodat er afspraken gemaakt kunnen worden over de werkhervatting. Dit kan ook een gedeeltelijke werkhervatting zijn. Om de privacy van de werknemer te borgen ontvangt de werkgever geen informatie m.b.t. inhoudelijke of medische informatie .

In de 8ste week.

Een Plan van aanpak wordt gemaakt aan de hand van de probleemanalyse en het advies van de bedrijfsarts. Dit doet de werkgever samen met de werknemer. In het Plan van aanpak (PvA) worden de gemaakte afspraken vastgelegd. Daarin staat onder andere beschreven hoe het re-integreren bereikt kan worden. Dat wil zeggen de activiteiten, wie wat doet en een planning welke aangeeft wat wanneer wordt gedaan. Belangrijk is dat er de werkgever een casemanager wordt aangewezen die het Plan van aanpak begeleidt en ook controleert. Het Plan van aanpak kan aan de situatie van het moment aangepast worden, daarom komen de casemanager en de werknemer elke 6 weken bij elkaar om de voortgang te bespreken.

De werkgever neemt regelmatig contact met de werknemer om het verloop van de arbeidsongeschiktheid te bespreken. De probleemanalyse en het Plan van aanpak worden voorgelegd aan de UWV welke beoordeelt of er voldoende inspanningen zijn geleverd om het werk weer te hervatten.

De 42ste week.

De Arbodienst neemt contact met de UWV op en geeft de verzuimmelding door.

De 52ste week.

We gaan hier het tweede jaar van verzuim in en is het de plicht van de werkgever en werknemer om de voortgang van het re-integratie traject opnieuw te beoordelen. Bij deze beoordeling kunnen nieuwe afspraken vastgelegd worden. Het is verstandig de bedrijfsarts bij de nieuwe boordeling te betrekken.

HET TWEEDE VERZUIMJAAR

Ook in het tweede jaar is het belangrijk om iedere 6 weken de voortgang te bespreken en eventueel het Plan van aanpak aan te passen aan de situatie.

De 87ste week.

Als werkgever moet u een re-integratieverslag opleveren zodat u een WIA uitkering voor uw werknemer kan aanvragen. In dit verslag wordt door de werkgever evenals de werknemer en bedrijfsarts vermeld hoe volgens hun de re-integratie is verlopen.

De werknemer ontvangt van de UWV het WIA aanvraagformulier. De bedrijfsarts zal beschrijven wat zijn bevindingen zijn over de verzuimperiode en geeft zijn oordeel over de situatie.

De 93ste week.

Op basis van het aangedragen re-integratieverslag kijkt de UWV of de werkgever en werknemer er alles aan gedaan hebben om weer volledig aan het werk te gaan om een WIA uitkering te voorkomen. Een uitnodiging voor een WIA onderzoek volgt.

Als de UWV tot de conclusie komt dat de werknemer te weinig heeft gedaan om weer te re-integreren kan de UWV een uitkering weigeren. Heeft de werkgever er te weing aan gedaan dan volgt een boete.

Let op!

Zowel de werkgever als de werknemer moeten er samen alles aan doen om het mogelijk te maken weer aan het werk te kunnen gaan. Allebei hebben zeker verplichtingen!

 

Bronvermelding: UWV

 

Spoor 1 en spoor 2

Bij Spoor 1 wordt getracht ander werk bij de eigen werkgever te vinden. Het moet wel passend werk zijn en passen bij de door de bedrijfsarts geconstateerde beperkingen van de werknemer. Ook moet het werk aansluiten bij de ervaringen en vakkennis van de werknemer. Ook ander werk binnen de organisatie kan passend zijn. Wel met instemming van de werknemer.

Spoor 2 heeft betrekking op passend werk bij een andere werkgever. Wanneer er geen passend ander werk bij de huidige werkgever te vinden is, heeft de werkgever de verplichting  de werknemer te helpen ander werk te vinden. Een re-integratiebedrijf in schakelen is dan een mogelijkheid. De werknemer is verplicht zijn best te doen en mee te werken.

Ten slotte:

Een werknemer die mediation steeds uitstelt, niet wil meewerken  of voorwaarden stelt aan mediation, riskeert zijn loon kwijt te raken.

Een werkgever die mediation steeds uitstelt, niet wil meewerken  of voorwaarden stelt aan mediation, riskeert loon te moeten betalen.

 

Download PDF Poortwachter: Uitgave Augustus WvP